• Bel: (0548) 859 690
  • info@nelettavanheuven.nl




IS DEZE STOEL VRIJ? (13) Winkelvriendinnen in Chez Antoinette

Ieder mens loopt wel wat mis in zijn leven. Iets wat hij dolgraag had willen ervaren, maar wat hem blijkbaar niet wordt gegund. Ik denk niet aan dingen die je kunt kopen, een Porsche of Cup-D. Nee, ik bedoel een gemis dat zich sluipenderwijs ontwikkelt en zich in een onvoorziene samenloop van omstandigheden manifesteert. Al jaren broedt in je onderbewustzijn een kinderwens; je wordt verliefd op een filiaalhouder van Prénatal en vlak voor jullie huwelijk bekent hij dat hij onvruchtbaar is. Dat moment.
Ik vond een stoel vrij bij Chez Antoinette en Alain, in wie een eeuwige vete woedt tussen gastheer en verhalenverteller, heeft mij zijn Portugese huiswijn ingeschonken. Achter het straatraam zie ik twee jonge vrouwen naar binnen gluren. Ze houden elkaar stevig vast, onder één paraplu, gedoogplu voor intimiteit. Ze kwebbelen er lustig op los tot de een de ander meetrekt het romantische steegje in dat toegang biedt tot Chez. Door het binnenraam zie ik hoe Alain hun gehaakte stola’s aanneemt. Hun outfit is onmiskenbaar in dezelfde winkel gekocht. Geen twijfel mogelijk dat zij winkelvriendinnen zijn. Ze komen rechts naast mij zitten en steken meteen van wal met besmuikt gegiechel, hun hoofden op zoenafstand.
En dan slaat het toe, het gemis. Gezellig winkelen, gearmd met vriendin, eindeloos keuren bij de paskamers, ik ken het niet, het is mij nooit vergund geweest.
Waarom?
Wat is er mis met mij … ik weet het niet.
Moet winkelen je hobby zijn? Geheimen willen delen? Hebben stola’s er iets mee van doen?
Welke karaktereigenschap correspondeert met de drang tot vriendinnenwinkelen en je identiek kleden? Er moet een verband zijn.
Als de vrouw is waarmee zij zich tooit, dan val ik buiten de boot van het winkelvriendinnenschap. Soit.
Nu de tweelingvriendinnen zich op hun gemak beginnen te voelen, praten ze verstaanbaar.
“Laat me je ring nu ‘s zien” zegt de blonde.
Verlekkerd kijkt de brunette hoe haar evenknie haar ring inspecteert.
“Wit goud met zeven geslepen diamantjes. Sodeju Bo, hij moet wel erg gek op je zijn! “
“ Zeg maar smoorverliefd.” Mooie aanblik, een aanbeden vrouw.
“Hij is vandaag twaalf-en-een-half jaar getrouwd. Zij wou een feest. Hij niet, om mij!” Triomflachje.
Alain overhandigt de menukaarten. De dames baden zich in zijn charme en vallen voor de aanbevolen stokvis. Met kennersblikken volgen ze hoe behendig zijn Bourgondische Ausbildung het opstapje neemt.
“Wat een heer-lijk-e man, Bo, dat vaderlijke. Denk je dat hij nog zu haben is?”
“Suuz, éIke man is zu haben! Hij is getrouwd, maar, laat je niet weerhouden, de romantiek is des te heftiger.”
Ik word afgeleid door een binnentredend echtpaar. Een slap aftreksel van George Clooney en zijn Amal, dus voor Deventer begrippen een razendknap stel. Het duo krijgt de tafel aan mijn linkerzijde toegewezen.
Uit het gefluister en hun rode konen concludeer ik dat de dames inmiddels bij hun favoriete onderwerp zijn aanbeland: slaapkamergeheimen.
Het knappe paar delibereert steeds harder over een drie-of-vier-gangenmenu.
Ineens stokken de vriendinnengeheimen op een ssst! van Bo.
Suuz trekt haar wenkbrauwen op tot vraagtekens.
Dan draait Bo haar hoofd langzaam naar achteren, alsof ze de giftige beet van een ratelslang in haar nek verwacht en staart één ondeelbaar moment naar de rug van Clooney. Bliksemsnel draait ze haar hoofd weer terug.
Suuz heeft de situatie op slag door. “Nee, hè, is dat ‘m?”
Korte knik.
Suuz neemt gretig alle details in zich op.
“Bo. ..” Bo is verdoofd. “ Bo, hij geeft haar een doosje”.
“Ik wil het niet weten”, sist Bo.
Suzes terriërblik laat niet los.
“Het is exact dezelfde ring.”
Bo trekt lijkwit weg: “Twee voor de prijs van één … we gaan!”
Hoedt u voor de impulsiviteit van een overspelig karakter.
Bo sjort de ring van haar vinger en voor Suuz kan sussen stampt ze naar haar rivale en houdt de ring op ooghoogte: “Kijk eens wat een toeval, dezelfde ring, alstublieft… “ - ze deponeert het kleinood op een amuselepeltje - “… twee is twee keer zo mooi.”
Zonder haar verstijfde minnaar een blik waardig te gunnen, grijpt ze tas en Suuz.
Het is opgehouden met regenen, maar de gedoogplu wordt geheven. De gehaakte stola’s verstrengelen tot een Siamese tweeling; die verdwijnt richting Brink.
Naast mij heerst doodse stilte, onderbroken door getinkel van vorken en messen dat klinkt als wapengekletter.
Mijn gemis voelt ineens minder zwaar.