• Bel: (0570) 619 561
  • info@nelettavanheuven.nl




IS DEZE STOEL VRIJ (18) Poedel bij De Doedel

Waar vindt u ultieme geborgenheid, lezer? Samen append op de bank, in een warm bad, bed, de fietsstang van uw geliefde? Volgens Midas Dekkers: onder de dekens, aangekropen tegen man, vrouw, hond, kat of knuffel.

Met zijn boek De thigmofiel, over geborgenheidsdrang, onder m’n arm loop ik De Doedel binnen.

Dit café van Bart heeft iets van Dolly Parton: het terras oogt als een gigantisch decolleté waarop veel bekijks is, de serre erachter als intiem buikje en de bar als het achterste, als plek om te flirten.

In de serre vind ik een stoel vrij om te lezen. Thigmos betekent tast. Geborgenheid ervaren we via onze tastzin. Vrouwen schamen zich niet voor dit verlangen, mannen vaak wel. Je moet een erkend macho zijn, wil jij je een bekentenis à la Louis Van Gaal kunnen permitteren: “Het liefst lig ik lepeltje-lepeltje met Truus”.

Ook dieren hebben deze drang. Keizerpinguïns vervoeren hun baby’s in dikke wollen buidels; bij gure wind kruipen ze knus tegen elkaar aan. Ik doe het hier met een boekje in een hoekje en een glas Glühwein binnen handbereik.

De kef van een wit poedeltje verstoort mijn rust. Aan zijn leiband trekt hij een kolossale vrouw naar binnen. Haar coiffure is geïnspireerd door haar kleine schat: toef grijs haar op het hoofd bijeengehouden door een roze strik en twee knoedels rond haar oren. Haar Schotse rok is van dezelfde clan als het tuigje van haar poedelefoepsie.

Achter haar wollen poncho doemt een broodmagere man op met spierwit haar onder een alpinopet. Haar echtgenoot? Zij ploft neer in een serrestoel, haar kerel schuift er voorzichtig naast. Ze houden de jassen aan, kleding geeft ook geborgenheid. Manlief kijkt schrikachtig om zich heen, alsof hij voor het eerst een kroeg bezoekt. Zij alsof ze na de verplichte boswandeling eindelijk mag zitten.

Ze schiet Bart aan en bestelt twee koffie met appelkruimelvlaai. Dan hoor ik bij herhaling het woord LEXA. Nee maar, zit hier een nieuwjaarsdate naast me? Aan het eind van je leven nog een nieuw begin?

De ongemakkelijke pauzes in de conversatie kloppen. Zijn nieuwe suède schoenen ook. Het poedeltje ontbloot regelmatig zijn tandjes naar de man, met zo’n bekje als dat van Claudia de Breij. Heel anders kijkt het poedeltje naar vrouwtjelief, smachtend, alsof hij zegt “… mag ik dan bij jou?”

Ja, ook honden zijn thigmofiel.

Bart brengt de vlaaien en het bazinnetje begint hondje te voeren.

“Niet verwennen”, waarschuwt partner-in-spe, tevergeefs.

“Gr”, doet de poedel, niet bedoeld als groet.

Hij heeft het beest er maar bij te nemen, net als schoonfamilie.

Heeft zich reeds een territoriumconflict voltrokken? Afgelopen nacht misschien? Volgens de statistieken duiken pensionado’s sneller met elkaar de koffer in dan jongelui en met het klimmen der jaren stijgt de thigmofilie, las ik net. Mijn verdorven geest ziet hen al gedrieën in bed liggen: lepeltje, lepeltje , lepeltje. Hondje veilig in vrouwtjes schoot, vrijer achter haar, buiten dienst.

Nu pas valt mij op dat zijn middelvinger is ingezwachteld.

Waar moet dit heen?

Bart heeft er zin in en gaat rond met een schaal leverworst. Geeft ook zo’n heerlijk thuisgevoel. De poedel springt pardoes tegen Bart’s been, de schaal kantelt, er vallen vijf plakjes op de grond.

“Laat maar” roept de vrouw, “Mopje ruimt het wel op!”

Bart snelt het terras op, manlief zwijgt.

Mopje vermaalt haar buit onder tafel.

Dan gebeurt er iets waarom ik geen hond heb: Mopje draait een drol, pal tegen vrijers rechterschoen aan. De stank alarmeert hem. Voor de hel losbreekt smoort bazin hem met een vermanende blik, steekt haar hand in een plastic zakje, buigt routineus voorover en tilt de bolus omhoog. Voor ze de vangst in haar tas stopt mompelt ze: “lekker warm”.

Een rasechte thigmofiel, deze vrouw, hij mag blij met haar zijn.

Maar nee, hij kijkt alsof hij denkt ‘laat alle hoop maar varen’.

Na een pijnlijke stilte rekent de goedzak af. Zij hijst zich omhoog, Mopje paradeert triomfantelijk voor haar uit het terras op. Hij sjokt achter hen aan, als een verslagen windhond.

Ik schuif op naar de bar waar Dolly Parton zingt Please release me, let me go. Thigmofilie kan zomaar omslaan in claustrofobie.

Aan de bar hoor ik dat Van Gaal vanmiddag tegen Swansea City móet winnen, anders kost ‘t hem de kop. Ach, als hij ’s avonds maar onder de dekens kan kruipen tegen zijn Truus aan.