• Bel: (0548) 859 690
  • info@nelettavanheuven.nl




IS DEZE STOEL VRIJ (23) Dubbele roof in de Keizerskroon

De gulle lentezon doet de Deventer terrassen ontluiken in bonte bloesempracht. Felgekleurde bloesjes, T-shirts, driekwart broeken en jawel, de korte rokjes. Zelden nog hoge hakjes eronder, want sneakers zijn de nieuwe zomermode. Schaduwkantje is dat zomerkleding ook een onderwereld aan tatoeages blootlegt.

Het statige 19-eeuwse pand van De Keizerskroon baadt in zonlicht.

Platanen, prijkend als serafijnen, schenken de terraspopulatie koelte.

Mijn favoriete stoel is vrij: tegen de gevel waar Italiaanse muziek doorheen walst, van Vasco Rossi tot Andrea Bocelli.

Tussen dit tafeltje en de rest van het terras loopt een stoeppad.

Mario, de trotse keizer van dit gebied, noemt het ‘onze promenade.’

Als ik er zelf doorheen loop, tassen van de Dirk torsend, word ik steevast begroet door eega Evelien en door Mario zelf. Zij wuiven gelijk een waardig vorstenpaar het volk vriendelijkheid toe.

Mario heeft connecties tot diep in het Deventer hoger segment. Regelmatig zie ik Rotarians, mannen van UD en andere regionale VIP’s op zijn terras.

Naast mij delibereert een beleggingsclubje in geheimtaal: ”Dat is ziekgoud.”

Matteo, al 23 jaar Mario’s rechterhand, schenkt mij een Sardijnse Fermentino in. Die eerste slok … de zomer is begonnen.

Vlak voor mij zit een doorsnee hedendaags gezin. Mams zit te swipen over haar smartphone, waar zomerjurken, sneakers en tassen de revue passeren.

Paps staart zielloos voor zich uit, Intertoys-tas naast zich, rechterhand aan het bier als toevluchtsoord. Een gesprek beginnen is niet meer van deze tijd.

Ik volg zijn blik en zie op de betonmuur van de voormalige SNS graffiti: een hartje in een hart, een hartje met pijl, het bekende Cupido-werk.

Als hun telg, gevangen in een buggy, een keel opzet, concurrerend met een jonge spreeuw, pakt moeder mechanisch een stukje tiramisu en snoert haar de mond.

Zelf schuift en schranst ze onverstoorbaar door. Het consumeren is zichtbaar verlegd van huwelijk naar voedsel. Driedubbele zwembandjes en dan ook nog de strepen over dwars. Haar monddode echtgenoot wenkt Matteo om nog een bier en vervolgt zijn staren. Kind begint weer te jammeren.

“Doe jij ook es wat; het is ook jóuw kind,” snauwt vrouwlief.

Haar tiramisu dreigt op te raken.

“Wat zei je nou?” Ze kijkt hem vertwijfeld aan.

De luie vader draait zijn hoofd, zodat ik zijn verbeten mond zie.

“Ik zei dat we dat nog wel zullen zien.”

Ik verwacht een explosie van verontwaardiging, maar nee, ze bakt zoete broodjes. “Schat, doe niet zo raar. Kitty lijkt precies op jou. Je gaat toch niet één dag voor haar verjaardag de stemming verpesten? “ Ze legt haar hand verzoenend op zijn arm, waar ik een getatoeëerd hart ontwaar met pijltje van papa naar Kitty: “Schatje, jij luistert te veel naar DJ Mattie”.

Pa laat zich niet paaien: “… en jij shopt te veel.”

Eén te wijst al op gestapelde irritatie, twee te’s kunnen een huwelijk ontwrichten. Haar hand blijft duidelijk ‘niet ontvangen’ liggen.

“Ik heb DNA afgenomen.”

Zoetgevooisde blik switcht van ongeloof naar verbijstering.

Moeders hand schiet onverrichter zake terug, maar tikt in het voorbijgaan zijn glas aan, waarna het in haar schoot geplensde bier gestaag uitdijt tot een donkere vlek. Schandvlek van haar ontrouw?

De gebrandmerkte verraadster herpakt zich: “Als je Kitty maar met rust laat.”

Dan komt de genadeslag: “Is al gebeurd. Overmorgen uitslag.”

Moeder staat op, grist de buggy en beent over het looppad richting Graven. Kitty krijst, de hele weg.

Zijn mond trilt. De uitslag hoeft niet meer worden afgewacht.

Hij betaalt, pakt de Intertoys-tas en druipt af, eveneens richting Graven.

Er borrelt boosheid in me op. Op die vrouw. Op alle vrouwen die hun man bedriegen en beroven van hun vaderschap. Het kind beroven van hun vader. Dubbele roof.

Is het kwaad noodzakelijk ten einde het goede te leren onderscheiden? Ik sus mijn somberte met de rode wijn uit Mario’s wijngaard.  

Over het looppad sjokt een boomhoge vijftiger, likkend aan zijn ijsje, ook een houvast. Achter hem doemt de gewezen vader op. Op zijn schouders een reuzenrugzak. Ik hoor een klaaglijk stemmetje “mama, mama.”

O jee, het zal toch niet? Nogmaals klinkt “mama, mama,” op dezelfde toonhoogte. De Intertoys-tas … een mama-pop cadeau.

De arme man verdwijnt richting station, ook van dat schenkvermogen beroofd.

Misschien nog wel het ergste.